Toetje

Woensdag 22 Februari 2006 at 12:07 pm


Benodigdheden voor 2 personen: 1 doosje verse, rijpe aardbeien, 1 fles Cointreau, 1 bus poedersuiker, 1 doosje paracetamol, 2 schaaltjes, 1 busje houten cocktailprikkers, 1 emmer.

Bereiding: was de aardbeien, ontkroon ze, dep ze voorzichtig droog en doe ze in een schaaltje. Giet er Cointreau bij tot de aardbeien net onder staan. Zet het geheel afgedekt ??n of twee dagen in de koelkast. Haal ongeveer een half uur voor consumptie de schaal uit de koelkast en doe de poedersuiker in een schaaltje. Prik om de beurt met een cocktailprikker een aardbei uit de schaal, wentel deze door de poedersuiker en eet deze vervolgens op. Gebruik houten prikkers en absoluut g??n vorken, dit om eventuele onherstelbare schade aan ogen en gezicht te voorkomen bij de gevechten om de laatste aarbei.

Verdeel als de aardbeien op zijn het overgebleven vocht in glazen en drink deze samen bij kaasrlicht op onder het draaien van goede muziek. Zet een emmer met een klein laagje water naast het bed neer en zorg dat de paracetamol binnen handbereik op het nachtkastje liggen.

Eet smakelijk!

Toch..?

Dinsdag 21 Februari 2006 at 8:57 pm


Geluk is als dunne poep: als het in je schoot geworpen wordt geniet je van de warmte, maar als je even niet oplet loopt het tussen je vingers door weg...

Avondklok in Amsterdam

Maandag 20 Februari 2006 at 10:23 am


Dan zal het binnenkort ook wel afgelopen zijn met die fietsverlichtingscontroles..

Andersommetje

Donderdag 16 Februari 2006 at 11:08 am


En ineens is BZN een Naam Zonder Band geworden...

Culturele klap!

Woensdag 15 Februari 2006 at 8:09 pm


BZN stopt ermee! U denkt toch niet dat er in Huize Suffie ook nog maar één fles dicht blijft, hoop ik?

14 februari (2)

Dinsdag 14 Februari 2006 at 10:19 pm


Staand voor de brievenbus was hij zich niet bewust van de tegenstelling die hij zou moeten voelen: de natte kou die zijn gezicht verdoofde en de envelop die brandde in zijn zak. Hij veegde het ergste water van zijn handen af aan zijn jas en deed een greep in zijn binnenzak. Voor de zoveelste keer las hij het adres. En voor de zoveelste keer vergewiste hij zich ervan dat er geen enkele fout in stond. Hij had er voor gekozen zowel het kaartje als de envelop met de printer te bedrukken, anoniem en zonder haar naam in het kaartje te gebruiken. Zelf schrijven was beter, vond hij, maar hij kon de gok niet nemen dat ze zijn handschrift zou herkennen. Op een andere manier schrijven was geen optie, hij had het geprobeerd en het resultaat was het schrift van een kind. En dat was het laatste effect dat hij wilde bereiken.

De regen sloeg in zijn gezicht en zonder er bij na te denken duwde hij de envelop onder zijn jas. Zou hij hem hier in de bus doen? Zou ze naar het poststempel kijken en concluderen dat de kaart van binnen de stad afkomstig was? Ze zou gaan elimineren, gaan tellen wie ze allemaal kende in de stad en zo wellicht alsnog ontdekken wie haar die kaart had gestuurd? Misschien zou ze het tegen hem zeggen, hem uitlachen om zijn onbeholpen poging om contact te zoeken. Misschien zou ze zwijgen, maar in haar vuistje lachen of met haar vriendinnen over hem roddelen en giechelen. Maar in ieder geval zou ze weten dat hij het was. Hij, die al die jaren al vanaf een afstand naar haar verlangde, die in zijn vertrouwde duister veilig op haar lette, haar beschermde tegen het kwade om haar heen. Hij die als een onbekende, maar trouwe paladijn over haar waakte, onder de sluier van zijn anonieme vertrouwdheid.

Nog een keer keek hij op de envelop en hij voelde de twijfel groeien. Een grote druppel regen barstte uiteen op het dikke papier en vormde een donkere vlek. Nog ??n jaar dan maar, dacht hij. Nog ??n jaar wachten, dan zou hij het nog beter voorbereiden, de kaart in een andere gemeente laten posten door een vriend en een nog mooier gedicht maken, nadenken hoe hij haar zou pareren als ze alsnog achter zijn identiteit zou komen, nadenken hoe hij haar onder ogen zou kunnen komen als ze het wist.

Die avond lag hij vroeg in bed, maar hij sliep een stuk later. Tevreden lag zijn vrouw in zijn armen, de zijne stijf om hem heen geslagen. Ze was verrukt geweest over zijn kaartje. En ze had het niet eens raar gevonden dat er geen envelop omheen zat....

Een luchtje aan de mens...

Zondag 12 Februari 2006 at 11:03 am


En het geschiedde dat de Oersuf, mijn vader tot mij kwam, zijn hand teder over mijn vlassige kin liet glijden en onderwijl met iets van milde spot tot mij sprak: "Jongen, je moet je eens gaan scheren." In donker Afrika worden jonge krijgers het bos ingestuurd om in totale afzondering een leeuw te doden, een krokodil te vangen of zich met behulp van de gepunte takken van een heilige boom in het gezicht te kerven, en dat alles om ritueel tot man te worden benoemd. Mijn vader, de Oersuf, volstond met de woorden: "Jongen, je moet je eens gaan scheren", waarbij hij mij een flesje stamwater overhandigde, net zoals hij die van zijn vader had gehad, en die ongetwijfeld van diens vader: een flesje Old Spice after-shave.

Na deze wellicht ietwat valse start raakt ik snel vertrouwd met het begrip "luchtjes". E?n van mijn eerste scharrels liet mij kennis maken met een luchtje genaamd Balafre en mijn eerste kandidaat-Suffin vergastte mij ooit op een flesje Paco Rabanne, een geur die nog steeds beelden bij me oproept van lammy-coats en bouviers. Maar het was Suffinnetje die de passie voor de fles bij mij ontketende. Al vanaf het prille begin kon er geen feestdag voorbij gaan -verjaardag, kerstfeest, pasen, jom kipoer, valentijn, dankdag voor de verwoesting van de tempel, chinees nieuwjaar of offerfeest- of we schoven elkaar flesjes met heerlijkheden toe van Chanel, Gyvenchy, Lanc?me, Gaultier, Cardin, Davidoff, Joop!, Lauder of Dior. Het was in die tijd dat zaken als Douglas en Parfum Ici ons handgeschreven kerstkaartjes stuurden, dat zelfs in mijn aanwezigheid mannen geile blikken op Suffinnetje wierpen nadat ze snuffelend onze kant af waren gekomen en dat een opvallend hoog percentage van mijn vrouwelijke collegae ineens met de chef wensten te copuleren. Kortom, de tijden waren goed.

Wat nou precies de kentering veroorzaakte weet ik nog steeds niet. Een reeks van forse financi?le tegenslagen, het breken van een flesje in de vakantiekoffer waardoor we gedwongen waren 14 dagen in dezelfde walm door te brengen, de diepe teleurstelling van de aankoop van een paar op zich hoopgevende nep-luchtjes, een traumatische gebeurtenis met een flesje vanille, de keer dat ik 's morgens vroeg met een forse kater in mijn auto zat en onpasselijk werd van mijn eigen frisheid. Ik weet het niet, maar in??ns was het afgelopen met de pret, plinkte Suffinnetje nog slechts bij bijzondere gelegenheden een spoortje essence in haar nek en stelde ik mijzelf volmaakt tevreden met een volstrekt neutraal aroma onder mijn oksels.

En wederom was het Suffinnetje die ons uit de relatieve armoede trok. Tijdens een noodgedwongen langdurig verblijf op de luchthaven bestormde zij in een opwelling de tax-free shop en wist zij het gewicht van onze koffers tot net onder de toegestane grens op te hogen met de tegenwaarde van een half maandsalaris aan reukwateren. Sindsdien is de aromatische atmosfeer in Huize Suffie aardig opgeklaard. En daar zal het wellicht niet bij blijven; onlangs wist Kleine Suffie de hand te leggen op een flesje stink van David Beckham en sindsdien kijkt hij mij bij iedere feestelijkheid verwachtingvol aan, onderwijl subtiele toespelingen makend op zijn eigen te pimpen lichaamsgeur.

En wie ben ik om de familietraditie te breken? Eens komt de dag dat ik hem over zijn donzige kin zal strijken en hem een flesje zal overhandigen. Gezien het door mij en mijn broeders doorlopen trauma zal dat echter vermoedelijk g??n Old Spice zijn. Dan schop ik hem nog liever het bos in om een krokodil voor me te vangen...!

Voorzichtig oordeel

Zondag 05 Februari 2006 at 12:12 pm


Maar goed, als het gelijk van je religie met geweld moet bevestigen, dan zal het inhoudelijk wel niet zo veel voorstellen.

Toch?

CITO toets

Zaterdag 04 Februari 2006 at 3:14 pm


Als ik nou toentertijd zuid-oost niet met noord-west had verward, zou mijn leven er dan nu echt anders uit hebben gezien?

De taal van de straat

Vrijdag 03 Februari 2006 at 9:36 pm


Ter hoogte van het advertentiebord stuitte ik op het eerste cordon. De kleinste was hooguit drie turfen hoog, de oudste was niet veel groter. Met koortsige ogen staarden ze me aan terwijl ik probeerde een zwakke plek in hun gelederen te ontdekken. Ik deed twee snelle stappen in de richting van de kleinste in de rij, maar ze blokkeerden mij snel en geroutineerd. "Heeft u ook voetbalplaatjes?" beet de brutaalste me toe. "Nee" zei ik bits en duwde met een snelle beweging mijn karretje naar voren zodat ze wel opzij moesten. Teleurgesteld lieten ze me door. Toen ik eenmaal gepasseerd was riep de brutaalste me nog een keer na: "Weet u het zeker?"

De groep op het parkeerterrein was groter, hechter ook. En de oudste kwam zeker tot aan mijn schouder. De linie verdichtte zich bij mijn nadering en de onmiskenbare natuurlijke leider van deze eenheid stapte naar voren: "Meneer, heeft u voetbalplaatjes?" Zijn stem klonk krachtig en beslist, mijn instinct zei me dat hij geen 'nee' zou accepteren. De kaartjes brandden in mijn binnenzak, en hij wist het. Ik besloot het over een andere boeg te gooien: eerlijkheid. "Ik heb ze wel" zei ik krachtig, "maar ze zijn voor mijn eigen zoon". Hij staarde me aan, even van zijn stuk gebracht door deze onverwachte wending. Maar hij herstelde zich snel: "Heeft u geen dubbele dan?" Hij kneep zijn ogen half dicht, triomfantelijk.

Toen sloegen de twijfels toe. Ik wilde deze strijd helemaal niet. Ik wilde alleen maar naar huis. Met een nijdige beweging rolde ik mijn karretje in de richting van de linie. Ze stoven uiteen, ik brak door en zag mijn weg niet langer versperd. Met een gevoel van wilde vreugde stoof ik naar mijn auto, terwijl ik over mijn schouder schreeuwde: "En de eerste die nu nog over voetbalplaatsjes begint, sla ik boven op z'n bek!" Een aantal mensen keken op, verstoord, verontwaardigd. Ik maakte dat ik mijn boodschappen in de auto kreeg en snelde weg.

Toen ik even later thuis kwam, kwam mijn zoon mij in de hal tegemoet. "Papa" riep hij glunderend, "heb je voetbalplaatjes meegenomen?" Ik zuchtte en balde mijn vuist. Buiten gelden de wetten van de straat, daar worden netwerken gevormd die hele wijken overschrijden, die gewone vormen van loyaliteit, zoals die tussen vader en zoon, ruimschoots overstijgen. Ik voelde me misselijk toen hij brullend de trap op naar zijn kamer stormde. In mijn situatie kon ik het mij niet veroorloven niet consequent te zijn. Als ik mijn woord niet gestand deed zou geen enkele confrontatie meer geloofwaardig verlopen, zou ik bij voorbaat alles verliezen. Ik hoorde hem snikken in zijn kamer, maar wist dat hij het later zou begrijpen.