Lijflog der verdoemden

Geen reacties

Neem iets heel, heel onnozels en overdrijf dat zeer, zeer zwaar. Gooi er een paar keer "oh, wat erg" en "lief he" of "het zal je maar gebeuren" in. Maak het stuk dan lekker lang, zodat het heel wat lijkt (opkloppen in vaktermen). Het hoeft ook niet ergens over te gaan, hoe onbegrijpelijker, hoe beter. Herhaal dit 5 a 6 keer en hoppa: u is lifelogger!

Met open mond staarde ik naar het scherm. Sprakeloos was ik. "Oh, wat erg" dacht ik, terwijl een inmense woede zich van mij meester maakte. Was mijn leven vergeefs? Had ik gefaald? In een vlaag van waanzin veegde ik met een enorme zwaai het beeldscherm van mijn bureau af. Mijn vrouw holde in paniek de kamer binnen en schreeuwde iets wat ik niet kon verstaan. Zonder iets te zeggen sloeg ik haar op haar neus. Ze gilde, bloed stroomde over haar gezicht. Ik had hier geen zin in. Ik wurmde mij langs haar en holde naar beneden, naar buiten, naar de supermarkt.

Daar trok ik een fles bier open en dronk het in de winkel op. Met het lege flesje liep ik naar de kassa. Mijn wereld viel in gruzelementen. Was ik nou ineens geen lifelogger? Wat was ik dan? Hoe moest ik het stukje van Gaby lezen? Was het een aperte leugen? Of was de waarheid me te hard? Mijn hoofd tolde, ik knipperde met mijn ogen, stond geheel van de wereld bij de kassa. Achter mij morden de mensen omdat ik niet doorliep. Een schelle vrouwenstem riep "loop eens door met je logge lijf!". Ik verstijfde. Logge lijf? Lijfloggen? Er brak iets in mij. Ik draaide mij om. Achter me stond een jonge vrouw in een luchtig niemendalletje me brutaal aan te kijken. Ik pakte haar beet, gooide haar op de transportband en rukte in ??n beweging het jurkje van haar lijf. Vervolgens nam ik haar, wild en gewelddadig. Ze schreeuwde, eerst in wanhoop maar al gauw minder enthousiast. De mensen in de rij wendden zich af en zochten een andere kassa op. "Het zal je maar gebeuren" hoorde ik er eentje zeggen. Alleen een groepje jongeren bleef staan om me aan te moedigen. "Lief, he" zei er eentje spottend. "Toen maar" zei een ander, "ze heeft er zelf om gevraagd, moet ze maar een BH dragen in het openbaar."

Toen mijn ergste woede in haar achterbleef, kwam de beveiligingsbeambte aanlopen. Hij schreeuwde iets tegen me, maar ik luisterde niet. Terwijl ik langsliep greep ik hem om zijn nek en enkele tellen later slingerde ik zijn slappe lijk tussen de toeschouwers. Ik deed mijn kleren goed en liep naar de uitgang.

Daar stonden twee politiemannen, met de hand op hun pistool. "Staan blijven", riep ??n van hen. Ik deed twee snelle stappen en was bij hem. Met een snelle greep griste ik zijn pistool uit zijn handen en schoot twee maal binnen ??n seconde. Ik stapte over de lijken heen en wandelde de slijterij binnen. Ik draaide een fles whisky uit het schap open en nam een flinke slok, terwijl ik een tweede fles gebruikte om de protesterende slijter zijn hersens in te slaan. Ik dronk rustig, probeerde na te denken. Het lukte me niet. Was ik nou een lifelogger of niet? Wilde ik het wel zijn? En als ik het niet was, wat was ik dan wel? Zeker geen weblogger, en al helemaal geen columnist. Al die zekerheden van vroeger, in ??n klap weg.

Ik gooide de lege fles weg en liep naar buiten. Mensen in het blauw om mij heen. Ze schreeuwden. Kogelvrije vesten, misschien wel tien. Ik keek om mij heen, schatte mijn kansen, de meest dichtbijzijnde schreeuwde nerveus dat ik mijn wapen moest laten vallen. Ik schoot hem in de onbeschermde oksel en terwijl de kogels om mij heen floten maakte ik een koprol naar een plek achter een auto. Ik dacht na. Dit leven wilde ik niet. Moest ik mij conformeren aan de normen die men mij wilde opleggen? Moest ik saaie stukken gaan schrijven over supermarkten en het dagelijkse leven? Of moest ik als een soort internetparia blijven leven, hopend op hits en erkenning die nooit zouden komen. Dat nooit!

Ik stapte achter de auto vandaan en opende rustig het vuur op de mensen. E?n viel, twee vielen. Ik hoorde schoten. Ik voelde geen inslag, alleen een warme golf die vanuit mijn borst naar buiten bloeide. Mijn linkerbeen klapte onder mij vandaan en ik viel in een explosie van licht.

Er was ??n troost, bedacht ik mij en ik glimlachte. Ik zou in ieder geval nooit meer een linkdumper worden.

En dat was vermoedelijk het moment dat de dood intrad.

Door Suffie

Zaterdag 20 Juli 2002 te 02:35 am

Geplaatst in Het leven

Geen reacties

Leave a Reply

(optioneel veld)
(optioneel veld)
Deze stupide vraag is geen belediging voor uw intelligentie en u kunt ook niets winnen. Wel houd ik hiermee spammers buiten de deur, die meestal uit de Oekraïne of Roemenië komen en doorgaans nog nooit van Jantje Smit hebben geoord.
Persoonlijke info onthouden?
Kleine lettertjes: Alle HTML-tags behalve <b> en <i> zullen uit je reactie worden verwijderd. Je maakt links door gewoon een URL of e-mailadres in te typen.